Al vanaf het prille begin is Celeste een vertrouwd gezicht in Fedasil Arendonk. Als vrijwilliger van het eerste uur zet ze zich al bijna 25 jaar in om bewoners Nederlands te leren. Met veel geduld, warmte en humor helpt ze hen op weg in een nieuwe taal en samenleving. Voor ons 25-jarig jubileum deelt ze haar bijzondere verhaal.
Van Portugal naar België, met een hart voor mensen
Ik ben geboren in Porto, Portugal, en verhuisde in 1981 naar Nederland. Ik heb toen flink mijn best moeten doen om Nederlands te leren en te integreren. Via het werk van mijn man ben ik later opnieuw in Portugal gaan wonen, om uiteindelijk in Mol terecht te komen.
Vijfentwintig jaar geleden woonde ik nog niet zo lang in België. Ik wilde graag iets betekenen voor de gemeenschap en las toevallig in de krant dat het nieuwe opvangcentrum in Arendonk, dat toen nog Totem heette, vrijwilligers zocht.
In die periode kwamen er veel vluchtelingen uit Angola. Omdat ik Portugees sprak, dacht ik dat ik met mijn talenkennis iets voor hen kon betekenen. Maar het liep anders dan verwacht. Er was vooral nood aan mensen die Nederlandse les konden geven. Toen de directrice hoorde dat ik al jarenlang Portugees gaf aan volwassenen, vroeg ze me of ik Nederlandse les wilde geven aan de bewoners.
Dat verraste me wel even! Maar al snel ontdekte ik dat mijn eigen ervaringen met het leren van een nieuwe taal en het integreren in een vreemd land me daarbij goed konden helpen.
Een nieuwe taal leren, stap voor stap
De methodes en materialen die ik als docente Portugees gebruikte, bleken ook heel bruikbaar om bewoners de eerste beginselen van het Nederlands aan te leren. Ik werk veel met beelden, eenvoudige vragen en korte zinnen die iedereen kan begrijpen, zoals: ‘Hoe heet je?’ en ‘Waar kom je vandaan?’
In het begin zijn mensen vaak wat afwachtend. Soms krijg ik mijn eigen vraag gewoon terug: waar kom ík vandaan? Dan antwoord ik meestal: ‘Uit het land van voetballer Cristiano Ronaldo.’ Dat breekt meteen het ijs en vanaf dan kan mijn les niet meer stuk!
Ik leer hen de basis van het Nederlands, maar ik leer zelf ook ontzettend veel van hen. Mannen en vrouwen uit verschillende landen zitten bij mij in de klas, vaak met zware en traumatische ervaringen achter de rug. Ze proberen een moeilijke, vreemde taal te leren, zonder te weten of ze die ooit zullen kunnen gebruiken.
De onzekerheid over de toekomst, de angst, de onbekende omgeving en het gemis van familie en de eigen cultuur spelen allemaal een rol in hun gedrag en motivatie. Daarom vind ik het belangrijk om een ontspannen sfeer te creëren. Dat doe ik bijvoorbeeld met rollenspelen waarin we situaties uit het dagelijkse leven oefenen, zoals fruit kopen op de markt of een bezoek aan de dokter. Daarbij wordt vaak heel wat afgelachen!
Elke leerling heeft zijn eigen verhaal
Lesgeven in een opvangcentrum brengt heel wat uitdagingen met zich mee. Sommige bewoners spreken al Engels of Frans, terwijl anderen niet kunnen lezen of schrijven. Bovendien wisselen de leerlingen voortdurend. Het vraagt dus veel flexibiliteit om iedereen zo goed mogelijk te begeleiden.
Toch zijn er door de jaren heen bijzondere banden ontstaan. Met een aantal voormalige bewoners heb ik nog steeds contact. Ik ben zelfs peettante geworden van drie kinderen uit Angola, die intussen volwassen zijn en goed hun weg hebben gevonden in België. Dat zijn mooie herinneringen die me altijd zullen bijblijven.
De dankbaarheid blijft motiveren
Wanneer iemand me vraagt hoe ik het al bijna 25 jaar volhoud om elke donderdagmorgen naar Fedasil Arendonk te komen en voor de klas te staan, is mijn antwoord heel eenvoudig.
De dankbaarheid die ik van veel bewoners terugkrijg en het vertrouwen dat zoveel lieve mensen me telkens opnieuw schenken, blijven mij motiveren.
Celeste