Home

Projecten

Fedasil heeft de opdracht om de bewoners van de opvangstructuren een zelfde kwaliteit van opvang te bieden, in functie van hun individuele behoeften.

Doelgroepenbeleid

Om een kwaliteitsvolle opvang te garanderen aan elke bewoner, werkte Fedasil het doelgroepenbeleid voor de federale centra uit. Fedasil identificeerde een aantal doelgroepen met specifieke behoeften, en werkte vervolgens begeleidingstrajecten uit om aan deze behoeften tegemoet te komen.

Dit resulteerde in, oa., een traject voor niet-begeleide minderjarigen , specialisaties voor alleenstaande tienermoeders, voor slachtoffers van mensenhandel, een time-out project voor minderjarigen, aangepaste opvang voor mensen met beperkte mobiliteit, een project voor een betere psychosociale begeleiding en het welzijn van de bewoners, enz.

In totaal wordt 80% van de opvangplaatsen in de centra van Fedasil voorbehouden voor de 'algemene' opvang van verzoekers om internationale bescherming en 20% voor de 'gespecialiseerde' opvang van doelgroepen. De meeste centra hebben dergelijke  gespecialiseerde opvangplaatsen.

Time-out

In  2012 ging het ‘Time-out’-project voor niet-begeleide minderjarige vreemdelingen (NBMV) van start. Time-out is gericht op situaties waarbij de samenwerking tussen de begeleiding en de jongere moeizaam verloopt of dreigt vast te lopen. Minderjarigen met gedrags- en emotionele moeilijkheden worden ingeschreven voor een begeleidingstraject op verplaatsing. Het uiteindelijke doel van het time-outtraject is een duurzame terugkeer van de jongere naar het centrum van oorsprong.

Begeleiding van holebi-verzoekers om internationale bescherming

De laatste jaren hebben de federale regering en de verschillende gemeenschaps- en gewestregeringen talrijke initiatieven opgestart die de positie en de rechten van homo- en biseksuelen en transgenders (LGBT's) moeten versterken.

Het Belgische beleid inzake LGBT's wordt internationaal erkend als een voorbeeld van ‘good practices'. Al sinds 2005 worden holebi-verzoeken om internationale bescherming in ons land behandeld door specialisten van de gendercel van het Commissariaat-Generaal voor de vluchtelingen en de Staatlozen (CGVS). Sinds 2008 loopt in de opvangcentra van Fedasil een project voor aangepaste hulpverlening aan holebi-verzoekers om internationale bescherming (AHHA).

Om die initiatieven te bundelen werd in 2013 een Interfederaal actieplan ter bestrijding van homofobe en transfobe discriminatie opgestart. Het plan omvat een reeks acties en maatregelen die werken op verschillende domeinen: wetenschappelijk onderzoek, aanpassing van de wetgeving en preventie, sensibilisatie van de samenleving, hulp aan slachtoffers, klachtenbehandeling.

In het kader van de prioriteiten 2013-2014 van het Interfederaal actieplan zal Fedasil zijn specifieke begeleiding voor holebi-bewoners in de opvangstructuren verderzetten, bijvoorbeeld door opleidingen te organiseren, personeel en bewoners te sensibiliseren… Fedasil zal ook rekening houden met de specifieke behoeften van holebi-bewoners op het moment van de individuele evaluatie (evaluatie voorzien in de 'opvangwet').

Vroegtijdige arbeidsintegratie vluchtelingen

In december 2017 begon Fedasil met de uitvoering van het project “Vroegtijdige Arbeidsintegratie”, gefinancierd door het Europese Sociaal Fonds (ESF).

Het doel van het project is om een vroegtijdige ketensamenwerking te ontwikkelen voor de toeleiding van verzoekers om internationale bescherming naar de Vlaamse arbeidsmarkt. Hiervoor wordt er samengewerkt met de Vlaamse Dienst voor Arbeidsbemiddeling en Beroepsopleiding (VDAB) en het Agentschap voor Inburgering en Integratie (AGII). Een derde partner is het Centraal Opvangorgaan (COA) uit Nederland, waarmee een transnationaal kader wordt opgezet om goede praktijken uit te wisselen.

Bij wijze van pilootproject werd er in samenwerking met de VDAB een screeningtool ontwikkeld om de competenties van verzoekers vroegtijdig te kunnen detecteren. Deze tool zal worden uitgetest en bijgestuurd in drie verschillende opvangcentra. Verder zal er ook bekeken worden hoe er beter kan worden toegewezen en zal er tenslotte draaiboek voor ketensamenwerking uitgewerkt worden in samenwerking met de VDAB en het AGII.